Verdeeldheid bij extreemrechts over NSV-betoging

De afgelopen jaren verzamelden antifascisten begin maart telkens in een studentenstad (afwisselend Gent, Leuven en Antwerpen) om te protesteren tegen een haatmars van extreemrechtse studenten. De officieuze studentenclub van het Vlaams Belang, de Nationalistische Studentenvereniging, had het daardoor moeilijk om te verbreden en zichzelf respectabel voor te doen. Na 25 jaar ziet het er naar uit dat er dit jaar geen NSV-betoging zal zijn of toch niet op initiatief van de huidige generatie NSV’ers.

Door Geert Cool, woordvoerder Blokbuster

Vorig jaar was de opkomst voor de NSV-betoging naar een absoluut dieptepunt gezakt: nog geen 100 aanwezigen in het nochtans traditionele bastion Antwerpen. Het Vlaams Belang voelde de bui al eerder hangen en aarzelde niet om evengoed vriendschappelijke banden te onderhouden met andere extreemrechtse studentenclubs. Denk maar aan het KVHV van de Gentse studentenvertegenwoordiger Van Langenhove die onlangs op Ter Zake zijn transfobie tentoon kwam spreiden. Diezelfde Van Langenhove gaf in 2015 al vormingen aan de Vlaams Belang Jongeren.

Maar meer nog dan de concurrentie onder extreemrechts zorgde de aangehouden consequente tegenmobilisatie ervoor dat de jaarlijkse extreemrechtse haatmars in een studentenstad nu ook in hun eigen kringen in vraag gesteld wordt. Niet dat het gevaar geweken is natuurlijk, mogelijk komt er later in maart toch nog een initiatief. We zullen acties en campagnes blijven organiseren.

25 jaar consequente tegenacties

De doorbraak van het Vlaams Blok op zwarte zondag 1991 leidde tot een groei van extreemrechts, ook onder jongeren. Tegelijk was er een tegenreactie met een sterke antiracistische beweging. Er waren grote acties in Brussel, maar vooral ook tientallen kleine lokale acties georganiseerd door jongeren en werkenden. Blokbuster was een instrument voor die jongeren en werkenden om zich in het verzet tegen racisme en extreemrechts te organiseren en om de discussie over politieke antwoorden te voeren.

In deze context was er een heropleving van de Nationalistische Studentenvereniging, de kweekvijver van het Vlaams Blok (zie dit artikel over de achtergrond van NSV). Er kwamen vanaf 1992 jaarlijkse betogingen met telkens ook een tegenbetoging. Er was doorheen de jaren heel wat discussie over de vorm van de tegenacties. Wij hebben daarbij steeds gepleit voor een strijdbare betoging met een duidelijk politiek profiel. De verdeeldheid van extreemrechts beantwoord je niet met een moraliserend vingertje, maar met een sociaal programma van jobs, huisvesting en openbare diensten. Dat programma wordt het best verdedigd met een strijdbare optocht die er bovendien voor zorgt dat extreemrechts geen vrije baan in een studentenstad krijgt.

Sommigen meenden dat de anti-NSV betoging beter een directe confrontatie aanging met extreemrechts. Wij hebben er steeds op gewezen dat directe actie een massale betrokkenheid vereist, anders dreig je jezelf te beperken tot een kat-en-muisspel met de politie. Daarmee overtuig je misschien jezelf, maar niet de bredere lagen die wel nodig zijn om tot een geslaagde directe actie te komen. Met een mobilisatie van 10.000 kan je een extreemrechtse optocht van enkele honderden aanwezigen volledig afblokken. Dat is waartoe de syndicalisten van de voormalige Boelwerf opriepen toen het Vlaams Blok in 1997 een 1 mei-optocht in Temse aankondigde. Die optocht van het Vlaams Blok is niet doorgegaan…

Anderen dachten dat de tegenbetoging politiek zo breed mogelijk moest zijn, zodat het ook aanvaardbaar was voor delen van het establishment. Politieke eisen moesten afgezwakt worden tot nietszeggende algemeenheden en ook de actievorm moest afgezwakt worden, liefst beperkt tot een feest. Wij hebben zeker geen probleem met feesten, maar om een duidelijke politieke boodschap naar voor te brengen is een betoging geschikter. Dat is bovendien een nuttiger instrument om wekenlang met studenten in discussie te gaan, hen te overtuigen van de noodzaak van verzet tegen extreemrechts en hen te vragen om daar zelf een engagement in te nemen. Een betoging politiseert, een feest werkt in deze context veelal depolitiserend.

Nog anderen stelden dat het beter was om geen tegenbetogingen te houden omdat zo de aandacht op extreemrechts zou gevestigd worden. Als extreemrechts het gedaan krijgt om ongehinderd op straat te komen, dan gaat het een stap verder en is straatgeweld niet ver weg. De groei van extreemrechts begin jaren 1990 leidde tot verschillende incidenten in die zin: in Brugge was er in 1996 een heuse terreurcampagne tegen linkse activisten die met fysiek geweld van de straat verdreven werden, ook in Gent probeerden dezelfde straatvechters een stap vooruit te zetten. Door nationale campagnes tegen fascistisch geweld met een betoging in Brugge in 1997 en een anti-NSV betoging van het comité tegen fascistisch geweld in Gent in 1998 werd daar een einde aan gemaakt. In 1993 hadden wij nog geen werking in Antwerpen waardoor er dat jaar geen tegenbetoging was. Bij de NSV-betoging dat jaar vielen rake klappen. Geweld stop je niet door je andere wang aan te bieden, maar door er resoluut tegenin te gaan en op basis van een actieve mobilisatie aan te tonen dat er geen maatschappelijke steun voor fascistisch of racistisch geweld is.

De afgelopen 25 jaar was Blokbuster de enige kracht die stelselmatig telkens opnieuw is blijven mobiliseren voor een tegenbetoging. Midden jaren 1990 werd daar actief aan meegewerkt door zowel PVDA als anarchisten, naast andere krachten. Met het wegebben van de antiracistische beweging, stonden we er stilaan alleen voor. We zochten echter steeds bondgenoten onder syndicalisten en jongeren en slaagden er op die basis in om elk jaar opnieuw met meer te zijn dan extreemrechts, vanaf 2003 was dit ook in Antwerpen het geval dankzij de opbouw van onze organisatie in die stad. De PVDA koos er enkele jaren voor om niet te betogen. Toen stelde de jongerenafdeling van de PVDA dat tegenbetogen contraproductief was en werden hoogstens ‘ludieke’ acties gehouden (zoals ballonnen oplaten aan het rectoraat in Gent in 2009 of nog de actie ‘Uit de kleren voor verdraagzaamheid’ waarbij in Antwerpen een tiental militanten uit de kleren gingen op de Meir in 2007). Er waren ook enkele edities van een feest tegen racisme (daar werd de naam ‘Manifiesta’ voor het eerst gebruikt) maar de laatste jaren werd gelukkig wel opnieuw aangesloten bij de anti-NSV betoging, in 2016 was er een gezamenlijke solidariteitsmars in Leuven.

Terwijl anderen regelmatig van positie veranderden, hebben wij al die jaren consequent vastgehouden aan de nood van een strijdbare tegenmobilisatie. Rond de verschillende tactieken van links publiceerden we in 2009 deze uitgebreide tekst waarin we het mobilisatiemodel plaatsten tegenover zowel het model van absenteïsme als dat van escalatie.

Gevaar niet geweken, strijd gaat door

De afgelopen jaren kreeg de NSV steeds minder mensen op de been en werd ook minder actief campagne gevoerd. Dit had onvermijdelijk ook gevolgen voor de tegenbetoging die eveneens beperkter was qua omvang. In 2017 waren er nog geen 100 NSV-betogers (zelfs RechtsActueel had het over 80 tot 90), daartegenover betoogden we met ruim 250 antifascisten. Wellicht draagt dit bij tot het feit dat er dit jaar binnen NSV verdeeldheid is over de betoging.

Dit betekent echter niet dat het gevaar geweken is of dat we kunnen stoppen met antiracistische acties. Onder studenten zijn er pogingen om nieuwe extremistische clubs op te zetten, denk maar aan ‘Schild & Vriend’ dat ontstond uit de studentenmeetings die Theo Francken (N-VA) hield. Tegelijk is er het asociale beleid van de rechtse regering die steevast uit is op verdeeldheid: tegen migranten, tegen werklozen, tegen werknemers die opkomen voor hun rechten, … De afgelopen maanden hebben wij verschillende initiatieven genomen om daartegen in actie te gaan, zo lagen we aan de basis van een geslaagde actie tegen een meeting met Francken aan de Antwerpse universiteit eind oktober. En indien er alsnog later een NSV-betoging komt, zullen we uiteraard opnieuw betogen.

Malcolm X merkte al op: “You can’t have capitalism without racism.” Een systeem in crisis leidt tot meer sociale spanningen. De linkerzijde moet daar collectieve antwoorden op bieden. De arbeidersbeweging heeft een enorme potentiële kracht: het zijn de werkenden die alles doen draaien en die de welvaart creëren. Om tegen het kapitalisme en de gevolgen ervan op vlak van ongelijkheid en uitsluiting in te gaan, moeten we de pogingen om ons te verdelen stoppen. Dat kan het beste door samen in actie te gaan rond gemeenschappelijke eisen voor een betere toekomst: degelijke jobs, betaalbare huisvesting, massaal plan van publieke investeringen in zorg en onderwijs, uitbouw van openbare diensten, … Dat is het onderliggende idee achter onze centrale antiracistische slogans als “Jobs, geen racisme” en “Alles wat ons verdeelt, verzwakt ons.” Blokbuster zal verder blijven mobiliseren en opkomen voor een andere samenleving!

Update. Meteen na verschijnen van dit artikel hebben we het aangepast: er is een gerucht dat er later in maart alsnog een NSV-actie komt. Zekerheid daarover is er niet, over de verdeeldheid omtrent deze betoging wel.

  • zondag 25 februari: nationale betoging tegen het asociale en repressieve asielbeleid
  • zaterdag 24 maart: nationale betoging tegen racisme