Foto: PPICS

Op 10 augustus publiceerde het Britse risicobeheerkantoor Verisk Maplecroft een zorgwekkende studie over de toename van het risico op moderne slavernij. Vandaag worden 46 miljoen mensen geraakt door “mensenhandel en de daaraan verbonden vormen van uitbuiting.” (1) Volgens de studie is er in driekwart van de Europese landen een risico van moderne slavernij. Ook in België.

Artikel door Cathy (Luik) uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Voor Francken is elke asielzoeker verdacht

In juli stemde de Commissie Binnenlandse Zaken van de Kamer een voorstel om de rechten van vreemdelingen te herzien. Zal dit het risico op mensenhandel en moderne slavernij verminderen? Helemaal niet, integendeel zelfs. Vluchtelingenorganisaties zoals CIRE (Coordination et Initiatives pour Réfugiés et Etrangers) klagen aan dat de regering het ontwerp er bijzonder snel doorjaagt: 17 dagen na de voorstelling van de tekst van 400 pagina’s die vier jaar lang voorbereid werden volgde al een stemming. Bovendien bezorgt de inhoud van het ontwerp “koude rillingen.”

Zoals CIRE opmerkt in een persbericht: “60 tot 70% van de asielzoekers zouden volgens de staatssecretaris liegen tijdens hun procedure. Het is op die niet gecontroleerde en niet controleerbare stelling dat het hele wetsvoorstel gebaseerd is: fraude bestraffen, meteen opsluiten. Zelfs als een asielzoeker zich verdedigt, kan het leiden tot een quasi stelselmatige opsluiting. (…) Het weerspiegelt een erg beperkte kennis van het moeilijke parkoers van wie naar België komt. Veel asielzoekers zijn wantrouwig, durven niet alles zeggen, houden documenten achter tijdens hun procedure, … gewoon om te overleven. Het zegt veel over hoe het asielrecht misbruikt wordt om een puur xenofobe visie op te leggen.” (2)

Het aantal doden op de Middellandse Zee neemt fors toe: in 2016 waren er volgens het Hoog Commissariaat voor de Vluchtelingen van de VN 3.800 doden en 2017 is op weg om nog dodelijker te worden. De Balkan-route is geblokkeerd waardoor vluchtelingen en hun gezinnen gevaarlijker trajecten volgen. Het afblokken van de Libië-route wordt door Theo Francken voorgesteld als een oplossing voor de doden op de Middellandse Zee, maar het wordt afgedwongen door gangsterbendes en het verplaatst enkel het probleem naar Libië zelf. Ondertussen gaan de verschillende imperialistische machten door met gewapende conflicten en uitbuiting. België vervoegt “de meest repressieve landen door de wetgeving te baseren op angsten, stigmatisering en inschattingen.” (3)

Jacht op niet-begeleide minderjarigen

De staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Theo Francken (N-VA), stelde recent voor om de capaciteit van de gesloten asielcentra (waar mensen opgesloten worden met het oog op uitwijzing) te verdubbelen. Hij wil er opnieuw gezinnen onderbrengen. Dit veronderstelt dat er ook kinderen kunnen opgesloten worden.

Hiermee wordt een stap achteruit gezet: vanaf 2008 was het opsluiten van kinderen afgeschaft. De mensenrechtencommissaris van de Raad van Europa vroeg België om “niet opnieuw aan te sluiten bij de praktijk om gezinnen met kinderen op te sluiten.” Francken hield geen rekening met dit advies. Hij wil dit najaar bovendien een reeks maatregelen doorvoeren om wie asiel aanvraagt meteen in een gesloten centrum te plaatsen tijdens de asielprocedure.

De niet-begeleide minderjarigen ontsnappen niet aan de heksenjacht op asielzoekers. Myria, het Federaal Migratiecentrum, stelt: “Als er twijfel is over de minderjarigheid, moet de niet-begeleide minderjarige behandeld worden als een minderjarige, tot het bewijs van het tegendeel.” De realiteit is echter anders. De leeftijd van een jongere wordt immers niet bepaald aan de hand van wat de jongere vertelt, maar door een drievoudige bottest van de kaak, het sleutelbeen en de pols. Het is een betwiste methode met een foutenmarge van 2 tot 5 jaar…

Het aantal Kafkaiaanse situaties waar sociaal assistenten en psychologen van getuigen, neemt sterk toe. Zo zag een meisje van 16 jaar haar geboortedatum plots met vier jaar opschuiven. Ze werd niet alleen het recht op onderwijs ontzegd, maar kon ook niet mee in andere opleidingen omdat ze onvoldoende basis hiervoor had. Het verlies van het statuut van niet-begeleide minderjarige betekent ook dat er geen recht is op een voogd om de jongere te begeleiden in de verschillende procedures.

Tegen de heksenjacht: solidariteit

Theo Francken heeft nooit een geheim gemaakt van zijn reactionaire standpunten. In maart kwam hij nog met agressieve tweets tegen Artsen Zonder Grenzen, dat hij van mensenhandel beschuldigde en van het aanmoedigen van illegale immigratie door mensen op zee te redden. Hij stelde dat “reddingsoperaties vlak voor de kust een extra aanzuigeffect” creëren met doden tot gevolg. Hij voegde er aan toe: “Ze doen aan mensensmokkel. Heeft niets meer met vluchtelingen te maken. Illegale migratie.”

Charles Michel floot Francken terug, maar ondertussen volgt het asielbeleid de perverse logica van Francken. De afgelopen maanden was er een stelselmatige repressie tegen collectieve bezettingen door organisaties van mensen-zonder-papieren in Brussel. Het doel is om de organisatie van de beweging nog moeilijker te maken. Verschillende voortrekkers werden opgepakt. Er waren arrestaties die de wettelijke regels niet volgden, onder meer door het plegen van huisvredebreuk: de politie mag normaal niet zomaar bij iemand binnenvallen, tenzij er een rechterlijk mandaat is. Er zijn ook meer controles in stations, uitnodigingen die verhullen dat het doel is om asielzoekers te arresteren, …

Het asielbeleid van de regering-Michel is bijzonder repressief geworden met een algemene jacht op asielzoekers. Dit beleid is enkel mogelijk omdat de regering er de ruimte voor krijgt. De sterke stakingsbeweging tegen de regering in de herfst van 2014 werd ondersteund door organisaties van mensen-zonder-papieren die zich expliciet richtten op de arbeidersbeweging. Het gaf de beweging van mensen-zonder-papieren wat ademruimte. Het stilvallen van de stakingsbeweging werd gevolgd door een hard besparingsbeleid en als onderdeel daarvan is er ook een reactionair asielbeleid.

We moeten dit asociale beleid dat de slachtoffers van het systeem viseert en criminaliseert, beantwoorden met solidariteit en collectieve strijd. Een regularisatie van mensen-zonder-papieren is in het belang van alle werkenden, vandaag leidt de illegaliteit immers tot vreselijke arbeidsomstandigheden die een algemene neerwaartse druk zetten op de arbeids- en loonvoorwaarden van ons allemaal. Tegelijk moeten we actief opkomen tegen het systeem van oorlog en neokoloniale plundering dat mensen geen andere keuze laat dan vluchten.

 

Voetnoten

  1. Volgens de mensenrechtenorganisatie Walk Free
  2. https://www.cire.be/presse/communiques-de-presse/refonte-du-droit-des-etrangers-de-la-democratie-a-la-theo-cratie-communique-de-presse-du-cire-12-juillet-2017
  3. Ibidem

 

Het hindernissenparkoers van een asielzoeker

Als een asielzoeker op het grondgebied van België aankomt, moet hij zich melden bij de Dienst Vreemdelingenzaken. De asielzoeker wordt toegewezen aan een centrum van het Rode Kruis of van Fedasil waar hij verblijft tijdens de procedure die vier maanden tot twee jaar duurt. In de asielcentra zijn er kamers van 6 tot 8 personen. De moeilijke leefomstandigheden komen bovenop de taalbarrière en de cultuurschok.

Asielzoekers hebben recht op 7 euro per week en kunnen enkele euro’s extra krijgen als ze kleine jobs uitvoeren in het centrum: bepaalde huishoudelijke taken of onderhoudswerken. Met die middelen moeten ze hun procedure voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) organiseren: administratieve bewijzen van afkomst bekomen, bewijzen van de problemen in het land van herkomst, …Dit wordt vaak bemoeilijkt door een gebrek aan geld of de politieke situatie en het niveau van ontwikkeling van het dorp of de stad van herkomst.

De asielzoeker wordt naar het CGVS uitgenodigd voor een gesprek dat 3 tot 6 uur duurt en in drie stappen verloopt: bepalen of de asielzoeker effectief uit het beweerde land van herkomst komt, details geven over dichte familie en kennissen, de redenen voor de vlucht en de omstandigheden ervan. De omstandigheden van het interview zijn niet evident voor mensen die getraumatiseerd en angstig zijn. De inzet is bovendien erg groot: dit onderzoek bepaalt of de asielzoeker al dan niet teruggestuurd wordt naar de omstandigheden die hij net ontvlucht is.

Als het antwoord positief is, kan de asielzoeker in België blijven. Zoniet is een beroep mogelijk voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Dat kost 50 euro. Bij een negatieve beslissing is er een bevel om het grondgebied te verlaten. Onderdak vinden is dan heel moeilijk: de asielzoeker moet zo snel mogelijk het asielcentrum verlaten. Na een negatieve uitspraak in beroep is enkel een tweede aanvraag mogelijk op basis van dringende medische hulp.

Sinds 1988 is er de mogelijkheid van administratieve aanhouding in de gesloten centra. Als de procedure leidt tot een negatieve uitspraak of als de papieren ingetrokken worden omdat de betrokkene zijn werk verliest, omdat de vrouw die via gezinshereniging naar België komt maar van haar man weggaat na geweld binnen het gezin, … dan is een opsluiting in een gesloten centrum mogelijk. De asielzoeker krijgt dan dezelfde behandeling als iemand die veroordeeld is wegens criminele feiten.